1800 kinderen gescheiden van hun gevangengenomen moeders

31 januari 2019

Ambtenaren van het Iraanse regime hebben bevolen om 1800 kinderen te scheiden van hun gevangengenomen moeders.

Mohammad Nefriyeh, directeur-generaal van kinder- en jeugdzaken van de Welzijnsorganisatie, zei: "Volgens een memorandum tussen de Welzijnsorganisatie en de gevangenisorganisaties moeten alle kinderen boven de twee jaar die bij hun moeder in de gevangenis leven, worden afgeleverd bij de Welzijnsorganisatie, omdat de gevangenisomgeving een zeer slecht educatief- en opvoedingseffect zal hebben op de kinderen."

Onthullend dat het geestelijke gezag geen rechten voor gedetineerde moeders in overweging neemt, ging Nefriyeh verder en zei: "Wij zijn niet verantwoordelijk voor de oprichting van een kinderdagverblijf in gevangenissen. Gevangenissen kennen bijzondere veiligheidsvoorschriften. Daarom is het niet mogelijk om een kinderdagverblijf in de gevangenis te vestigen."

Hij benadrukte de scheiding van 1800 kinderen van hun moeders en zei: "Er verblijven momenteel 1800 kinderen in welzijnscentra wiens moeders zijn opgesloten, en totdat de moeder wordt vrijgelaten en weer voor haar kind kan zorgen, zal het kind in het welzijnscentra verblijven.” (door de overhead gecontroleerde ‘ Iranian Labor News Agency’, 26 januari 2019).

Over het scheiden van het kind van de moeder stelt regel 61 van het VN verdrag (‘de Bangkok regels’) over de behandeling van vrouwelijke gevangen en niet-vrijheidsbeperkende maatregelen voor vrouwelijke delinquenten (Rule 61 of the United Nations Rules): "Bij de veroordeling van vrouwelijke daders, hebben rechtbanken de bevoegdheid om mitigerende factoren in overweging te nemen, zoals het ontbreken van een criminele geschiedenis en minder ernstige aard van het criminele gedrag, in het teken van de zorgzame verantwoordelijkheden van vrouwen en bijzondere situaties.” 

Ook het VN-bureau voor drugs en criminaliteit (Handboek over vrouwen en gevangenisstraffen - New York, 2014) heeft verklaard: "Regel 2: vrouwen met een mantelzorgverantwoordelijkheid voor kinderen mogen regelingen treffen voor die kinderen, inclusief de mogelijkheid van een redelijk schorsing van detentie, rekening houdend met de belangen van de kinderen."

Het is duidelijk dat deze internationale normen ver af liggen van het gedrag van het Iraanse regime. De vrouwonvriendelijke aard van het Iraanse regime en het voorbijgaan aan bijzondere psychologische en hygiënische behoeften van vrouwen maakt de situatie al extra zwaar. Het scheiden van kinderen geeft daarbovenop nog eens extra druk op gevangengenomen moeders.