Minstens 200 doden in Iran bij de protesten tegen de olie- en gasprijzen

18 november 2019

In heel Iran zijn protesten tegen het regime uitgebroken, met gezangen als "Dood aan de dictator", nadat het regime de benzineprijs verdrievoudigde. De protesten, die op vrijdag 15 november begonnen, gaan door, ondanks het harde optreden van de autoriteiten. 

Minstens 200 mensen zijn gedood in 10 steden, en honderden zijn gewond geraakt in Iran sinds het begin van de protesten tegen de regering op vrijdag. De aantallen zouden veel hoger kunnen liggen, aangezien het regime zijn toevlucht neemt tot meer dodelijke repressieve maatregelen en daarbij bijna alle internettoegang blokkeert.

Het Islamic Revolutionary Guards Corps (IRGC) heeft vandaag in een verklaring aangekondigd dat ze "vastberaden zouden omgaan" met de protesten tegen de olie- en gasprijzen in Iran.

Meer dan 1.000 demonstranten zijn gearresteerd in het hele land, volgens het officiële Fars News Agency.

Veel demonstranten werden gedood in de zuidwestelijke stad Shiraz en in de westelijke stad Kermanshah op 16 en 17 november, doden, die niet zijn opgenomen in het  hierboven gemelde aantal gedode demonstranten.

In Karaj, nabij de hoofdstad, zijn ten minste 19 mensen omgekomen. Zeven personen werden gedood in de zuidwestelijke stad Behbahan, terwijl vijf demonstranten in Khoramshahr werden gedood.

In de westelijke stad Marivan werden vijf demonstranten gedood. Vijf anderen werden gedood in de centrale stad Isfahan. In de westelijke stad Javanroud werden twee demonstranten gedood, terwijl in Baharestan, Teheran, nog eens twee mensen werden gedood. Eén persoon werd gedood in de zuidwestelijke stad Ahvaz, terwijl een andere demonstrant werd gedood in Sirjan in de zuidwestelijke provincie Kerman.

De protesten braken vrijdag uit in verschillende steden in het hele land en verspreidden zich naar 107 steden na de aankondiging van donderdag door de Iraanse Nationale Oliemaatschappij (NIOPDC) van een stijging van minstens 50% van de olie- en gasprijzen.

Functionarissen zeggen dat de prijsverhogingen geld zullen vrijmaken om de armen te helpen.

Vele protesteerders geloven echter dat het Iraanse regime de prijs van benzine in Iran heeft verhoogd, terwijl het miljarden dollars besteedt om Bashar al-Assad in Syrië, evenals militante krachten in Gaza en Hezbollah in Libanon te steunen.

Op de derde dag van de olie- en gasprijsprotesten op zondag blokkeerde het regime het internet bijna volledig op om Iraniërs van elkaar en van de rest van de wereld af te snijden.